Project Profyd mag niet in vergeethoek raken

Dat het herstel van oudere patiënten na een ingrijpende operatie afhangt van hun conditie vóór de operatie is een open deur. Toch wordt ook hier de voor de hand liggende gevolgtrekking – preoperatieve screening op kwetsbaarheid en goede begeleiding rondom de operatie – maar weinig gemaakt. Om te bevorderen dat dat wel zou gebeuren werd een aantal jaren geleden het project Profyd (spreek uit profijt) opgezet, onderdeel van het Nationaal Programma Ouderenzorg. Het project was in de uitvoering niet succesvol en van implementatie is het daarom niet gekomen. Maar de opbrengst van het project zou niet in de vergeethoek mogen raken..

Profyd staat voor ‘peri-operatieve fysiotherapie en diëtiek voor fragiele ouderen’. De initiatiefnemers wilden weten of mensen van boven de 70 jaar na een grote buik- of borstoperatie sneller op de been zijn als ze vóór en na de ingreep een trainings- en voedingsprogramma aangeboden krijgen. Zo konden, veronderstelde men, mogelijk ook zorgkosten worden bespaard.

Was het de bedoeling tachtig deelnemers te werven, dat bleek te hoog gegrepen. Het ontbreken van wachtlijsten voor dit soort operaties en van animo onder patiënten hun operatie uit te stellen om eerst fit te worden leidde ertoe dat uiteindelijk slechts enkele tientallen ouderen meededen. Het onverdeelde enthousiasme van de betrokken zorgverleners ten spijt, te weinig om naar wetenschappelijke maatstaven succes te claimen. Een geplande tweede fase – invoering in de regio Eindhoven – is daarom afgeblazen.

De opbrengst is niettemin waardevol: een programma om ouderen op kwetsbaarheid te screenen en te begeleiden rondom operatie in buik- of borstholte en een scholingsmodule en handleiding.

Niet minder leerzaam is het kennis te nemen van de obstakels die de onderzoekers tegenkwamen. Vooral het delen van informatie tussen de verschillende zorgverleners – naast fysiotherapeuten en diëtisten ook apothekers en artsen uit diverse disciplines – bleek technisch erg lastig, omdat ze allemaal hun eigen praktijksysteem hebben.

De onderzoekers kwamen er ook achter dat de cultuur in veel ziekenhuizen de interdisciplinaire aanpak zoals het project die vergde in de weg staat. Commentaar van Nico van Meeteren, als directeur Innovatiegebied Levenslang Gezond van TNO nauw betrokken bij Profyd: ‘Samenwerken tussen disciplines over lijnen heen is nog een sinecure onder zorgverleners. Daarvoor ontbreken ook de juiste uitkomstindicator en financiële impuls, het is nu vaak een kwestie van ‘productie draaien’.’

Meer over het project.

Deel HOLOS
Facebooktwittermail